Monnikenleven

De dag van een monnik

7 u. Morgenofficie (lauden) – ontbijt – werk
10 u. Kort gebed (slechts voor de gemeenschap )-’s zondags gezongen mis) – werk
12 u. Gezongen mis (van maandag tot zaterdag)
13 u. Maaltijd – ontspanning – werk
16 u. Kort gebed (slechts voor de gemeenschap) - ’s zondags vespers – werk
18.30 u. Avondofficie (vespers) – maaltijd – ontspanning
20.30 u. Lezingendienst of dagsluiting (completen)

Monnik zijn houdt verband met bidden, en niet alleen omdat een monnik er veel van zijn tijd aan besteedt.  "Niets is belangrijker dan bidden", schrijft Sint-Benedictus over het getijdengebed (het Opus Dei); het is naar de wortels zoeken, naar wat zin aan onze daden geeft.

 

De dag van de monnik bestaat volstrekt niet alleen uit het aantal uren dat hij met zijn broeders aan het gemeenschappelijk gebed besteedt.

Dit gebed vraagt om gevoed te worden; daarom besteedt de monnik een bepaalde tijd aan de lectio divina: contact met de bijbel en de bijbelcommentaren van grote geestelijke schrijvers. De monnik oriënteert zich op de toekomst vanuit een verbondenheid met de traditie.

Dit kan een monnik maar doen als hij werkt. Dit is het tweede aspect van de regel van Benedictus: Ora et labora (ora = bid, labora = werk).

In Maredsous is het werk van meet af aan heel verscheiden geweest. Allerlei activiteiten werden in het verleden door de monniken uitgeoefend, waarvan veel ook nu nog wordt gerealiseerd. In gemeenschap leven op zich vraagt al heel wat inzake dienstbetoon. Het verzorgen van zieke en bejaarde confraters is een voltijdse taak van ten minste één van de broeders. Met het ontvangen van gasten zijn meerdere broeders belast, evenals met het beluisteren en te woord staan van de bedevaarders die om hulp komen vragen. Vanaf het begin van de stichting heeft men een school gesticht: het Sint-Benedictuscollege. Later kwam er een tweede school bij: de Kunstambachtschool, die tot in 1964 is blijven bestaan. Bij dit alles zijn monniken betrokken, zoveel als mogelijk is. Vandaag eisen heel wat toeristen aanwezigheid en aandacht op.

De monniken besteden ook veel tijd aan intellectuele en geestelijke activiteiten. De vertaling van de Bijbel in het Frans, gerealiseerd in 1950, staat symbool voor al het werk dat verricht werd rond dit Boek der boeken. Het wordt vandaag voortgezet door degenen die werkzaam zijn in het centrum Informatique & Bible. Het tijdschrift Revue Bénédictine doet hetzelfde inzake geschiedenis. Op een bescheidener niveau is er het tijdschrift Lettre de Maredsous, dat het leven van de hedendaagse gemeenschap weerspiegelt.

Het is onmogelijk om in een paar regels te beschrijven hoe de dag van een monnik verloopt. Belangrijk is, te weten wat de dag van een monnik bezielt, wat zijn roeping is: het voor Gods aanschijn staan, de dienst aan zijn broeders en het beantwoorden aan de eisen van Jezus’ Blijde Boodschap.